Sinds 1 juli 2022 moet elke bestaande woning in Nederland rookmelders hebben op iedere verdieping met een verblijfsruimte, zoals een woonkamer of slaapkamer. Voor nieuwbouw gold die plicht al veel langer. In een stad als Rotterdam, met een groot aandeel huurwoningen en veel kamerverhuur, raakt die regel een grote groep eigenaren en verhuurders.
De verplichting ligt bij de eigenaar van de woning. Over wie de melders test en batterijen vervangt, maken huurder en verhuurder in de praktijk vaak afspraken in het huurcontract. De vraag welke melder er moet hangen en hoe, is minder eenvoudig dan het lijkt. Een melder uit de bouwmarkt aan het plafond schroeven is voor een eengezinswoning vaak genoeg, maar bij kamerverhuur of een woning met meerdere lagen gelden al snel zwaardere eisen.
Wat NEN 2555 regelt
De Nederlandse norm voor rookmelders in woningen is NEN 2555. Die beschrijft niet alleen de melder zelf, maar ook de plaatsing en montage in een ruimte. Volgens de toelichting van Royal Safety gaan de inrichtingseisen over het werkingsprincipe, de aansluiting op elektriciteit, een secundaire energievoorziening, het koppelen van melders en het aantal en de projectie. Melders binnen NEN 2555 werken met een optisch meetprincipe: ze reageren op rookontwikkeling. Een aansluiting op het lichtnet met een back-up batterij verkleint het risico dat een melder op het verkeerde moment met een lege batterij hangt.
Kamerverhuur en koppelen
Een belangrijk punt voor verhuurders is het doorkoppelen. De norm stelt dat afhankelijk van het geluidsniveau in de verblijfsruimten. Een alarm moet in alle wooneenheden duidelijk te horen zijn. Bij kamerverhuur of logies betekent dat al snel dat er extra of gekoppelde rookmelders nodig zijn, omdat een melder op de gang achter een dichte kamerdeur niet altijd wordt gehoord.
Gekoppelde melders op 230 volt kunnen tegenwoordig draadloos met elkaar communiceren. Dat scheelt hak- en breekwerk in een bewoonde woning. Het bedrijf installeert zulke systemen waarin tot vijftig rookmelders op één netwerk zijn te koppelen, aangevuld met hittemelders of koolmonoxidemelders. De back-up batterijen zijn van lithium en gaan tien jaar mee. Na de montage volgt een overzicht en een certificaat voor de gemeente, de brandweer of de verzekeraar.
Meer dan alleen melders
Rookmelders zijn één onderdeel van brandveiligheid. Voor een pand met meerdere huurders, of een woongebouw met gemeenschappelijke ruimten, is een bredere inspectie zinvol. Op royalsafety.nl staat hoe zo'n inspectie is opgebouwd: eerst een administratieve check of het gebouw aan de bouwkundige eisen voldoet, daarna een visuele ronde langs brandwerende deuren, meldersposities en de keuringsdata van blusmiddelen, en tot slot een functionele controle. Valt een deur dicht bij een alarm, werkt de melder, blokkeert er meubilair in een vluchtroute?
Wat een verhuurder vastlegt
Een verhuurder doet er goed aan om per woning bij te houden welke melders er hangen, waar, van welk type en wanneer ze zijn geplaatst. Bij een wisseling van huurder hoort een korte test van elke melder bij de oplevering en de intake. Zo is bij een brand of een klacht aan te tonen dat de woning voldeed, en valt een melder met een verlopen levensduur op tijd op.